|
Een mountainbiker is tot hiertoe eigenlijk altijd een beetje vrijbuiter geweest: de aanschaf van een fiets en een helm en hup klaar is kees. En inderdaad, voor een eenvoudige tocht van een uur of twee kan zo’n mountainbiker zich inderdaad wel uit de slag trekken. Maar voor velen blijft het toch bij een rit in Vlaanderen of een georganiseerde toertocht in de Ardennen. Begrijpelijk! Want bij langere tochten (enduro) en bij tochten die tegelijk wat langer zijn én in ruiger terrein plaatsvinden (all-mountain), worden we geconfronteerd met een aantal al dan niet verscholen moeilijkheden en gevaren die een ruimere ervaring vergen. Waar we het vroeger eenvoudigweg hadden over “mountainbiken”, is er nu een opsplitsing in verscheidene disciplines. Hoewel het makkelijk is andere indelingen te vinden, kan de volgende een goede houvast bieden:
XC (lees: Cross-country ): Typisch gaat het hier om kortere ritten van 2 à 3 uur in een terrein dat rijtechnisch niet al te veel moeilijkheden meebrengt. De fiets is gebouwd op snelheid en weegt soms minder dan tien kg.
Enduro : Uit de XC zijn de lange-afstandwedstrijden (80 tot wel 140 km) gegroeid. De fietsen zijn afgestemd op een groter comfort en een grotere duurzaamheid . Door de lengte van de tochten is een grotere zelfredzaamheid geboden en ziet men nauwelijks beoefenaars van deze discipline zonder rugzak. Kleine pannes, weersomstandigheden en andere kan men het hoofd bieden met een minimum aan materiaal.
All-mountain : Deze tak is helemaal niet meer gelinkt aan enige vorm van competitie. Het gaat om de beleving van het (berg)landschap net zoals wandelaars. In de Alpen vinden we passen en berghutten binnen ons bereik tot ongeveer 3000 m. De fiets is nog meer afgestemd op duurzaamheid en ruiger terrein. Grotere remschijven, bredere banden, grotere veerweg en een iets hoger gewicht maken daar deel van uit. De rugzak kan wat zwaarder zijn bij het aanvatten van meerdaagse tochten. Door de combinatie van faktoren gaat het om een vrij zware sport maar die zeker binnen het bereik ligt van sportieve mannen en vrouwen die voldoende rijtechniek in de vingers hebben en van wie de “sehnsucht” groot genoeg is!
Free-ride : Deze discipline maakt gebruik van fietsen waar nog net bergop mee gereden kan worden, maar bij voorkeur zal men zich bedienen van de kabelbaan om hoogte te winnen. Freeriders maken sprongen met hun fietsen waar een gewone sterveling niet eens durft aan te denken.
Downhill : Enkel met de hulp van een lift komen de beoefenaars nog boven en hebben dan één doel: zo snel mogelijk naar beneden razen; liefst op een voor hen gereserveerde bergflank. Deze tak is ook wel bekend als competitiesport en kent op zijn beurt een opsplitsing in Dual slalom, Downhill en de Fourcross (te vergelijken met de bordercross bij het snowboarden).
Zonder enkele “gouden tips” zijn er dikwijls grote of chronische teleurstellingen die ervoor zorgen dat de investering in een nieuwe fiets niet wordt omgezet in het verhoopte plezier. BPA tracht met een aantal activiteiten een ondersteuning te geven bij het ontdekken van de eerste drie beschreven varianten van deze prachtige sport. Onder die activiteiten zijn er behendigheidstrainingen, weekends in de Ardennen en Luxemburg met aandacht voor behendigheid, tochtplanning, reparatie onderweg, uitrusting en Alpenstages.
|